SR

Studentenraad

Criteria voor draagvlakadviezen Voorzitter en Rector Magnificus

De Raden van Toezicht UvA-HvA hebben in vertrouwelijkheid de CSR op de hoogte gesteld van de beoogde kandidaten voor de Voorzitter en Rector Magnificus van het College van Bestuur. De CSR moet nu na het houden van draagvlakgesprekken adviseren of wij vertrouwen hebben in deze kandidaten. Zowel de draagvlakgesprekken als het advies zijn vertrouwelijk – deze mogen wij dan ook helaas niet delen. Wel hebben wij criteria opgesteld op basis waarvan de CSR een afweging zal maken of hij wel of niet positief advies kan uitbrengen over de kandidaten. Naast deze criteria baseert de CSR zich op zijn raadpleging van de academische gemeenschap, samengevat in de Rapportage Profielschets CvB, en de profielschetsen zoals vastgesteld door de RvT voor de Voorzitter en de Rector Magnificus.

Rector Magnificus

  • De kandidaat geeft aan de afspraken m.b.t. de onderzoekscommissies te kennen, hij/zij erkent het belang van deze commissies, verbindt zich aan de uitkomsten en zal zich inzetten de aanbevelingen zo goed mogelijk uit te voeren.
  • De kandidaat geeft een duidelijke omschrijving van zijn/haar interpretatie van het begrip ‘decentralisatie’ en is in verregaande mate bereid bevoegdheden op het gebied van onderwijs te decentraliseren.
  • De kandidaat staat open voor het vormen van benoemingsprocedures van bestuurders aan de UvA die breed draagvlak genieten.
  • De kandidaat geeft een adequate weergave van zijn/haar visie m.b.t. onderwijsvernieuwing, is zich bewust van de verschillende standpunten en interpretaties en kan begrip opbrengen voor de argumenten van zowel voorstanders en tegenstanders.
  • De kandidaat ziet de medezeggenschap als een serieuze gesprekspartner en waardevolle toevoeging aan het bestuursproces. Hij/zij is welwillend om de medezeggenschap intensief, proactief en op een vroeg moment in het proces te betrekken.
  • De kandidaat geeft een beschrijving van het begrip ‘dienstbaar leiderschap’ waarin het betrekken van de academische gemeenschap, verregaande transparantie en beargumenteerd besluiten centraal staat.
  • De kandidaat is bereid zich in te zetten voor een open en kritische evaluatie van de samenwerking tussen de UvA en de HvA.
  • De kandidaat is bereid het instellingsplan van de UvA aan te passen.
  • De kandidaat is bereid om onderwijs te blijven geven naast zijn/haar functie in het College van Bestuur.
  • De kandidaat erkent de gelijkheid tussen de faculteiten, acht het belang van individuele faculteiten voor de UvA even groot en zal dat ook terug laten komen in zijn/haar beleidskeuzes.
  • De kandidaat beseft dat hij/zij nevenfuncties die enigszins inhoudelijk of qua tijd conflicteren met zijn/haar functie in het College van Bestuur zal moeten afstoten.
  • De kandidaat erkent het belang van diversiteit en staat positief tegenover het creëren van een breed gedragen diversiteitsbeleid aan de UvA.

Voorzitter

  • De kandidaat geeft aan de afspraken m.b.t. de onderzoekscommissies te kennen, hij/zij erkent het belang van deze commissies, verbindt zich aan de uitkomsten en zal zich inzetten de aanbevelingen zo goed mogelijk uit te voeren.
  • De kandidaat geeft een duidelijke omschrijving van zijn/haar interpretatie van het begrip ‘decentralisatie’ en is in verregaande mate bereid bevoegdheden op het gebied van onderwijs te decentraliseren.
  • De kandidaat staat open voor het vormen van benoemingsprocedures van bestuurders aan de UvA die breed draagvlak genieten.
  • De kandidaat geeft een adequate weergave van zijn/haar visie m.b.t. onderwijsvernieuwing, is zich bewust van de verschillende standpunten en interpretaties en kan begrip opbrengen voor de argumenten van zowel voorstanders en tegenstanders.
  • De kandidaat ziet de medezeggenschap als een serieuze gesprekspartner en waardevolle toevoeging aan het bestuursproces. Hij/zij is welwillend om de medezeggenschap intensief, proactief en op een vroeg moment in het proces te betrekken.
  • De kandidaat geeft een beschrijving van het begrip ‘dienstbaar leiderschap’ waarin het betrekken van de academische gemeenschap, verregaande transparantie en beargumenteerd besluiten centraal staat.
  • De kandidaat is bereid zich in te zetten voor een open en kritische evaluatie van de samenwerking tussen de UvA en de HvA.
  • De kandidaat is bereid het instellingsplan van de UvA aan te passen.
  • De kandidaat is bereid om onderwijs te blijven geven naast zijn/haar functie in het College van Bestuur.
  • De kandidaat erkent de gelijkheid tussen de faculteiten, acht het belang van individuele faculteiten voor de UvA even groot en zal dat ook terug laten komen in zijn/haar beleidskeuzes.
  • De kandidaat beseft dat hij/zij nevenfuncties die enigszins inhoudelijk of qua tijd conflicteren met zijn/haar functie in het College van Bestuur zal moeten afstoten.
  • De kandidaat geeft duidelijk weer hoe hij/zij de autonomie van de instellingen wil waarborgen t.o.v. van derden. De kandidaat houdt in voldoende mate afstand van de politiek en het bedrijfsleven en is bereid deze gremia publiekelijk te bekritiseren als dit de UvA-HvA ten goede komt.
  • De kandidaat erkent het belang van duurzaamheid en staat positief tegenover het implementeren van een breed duurzaamheidsbeleid.