Studentenraad

8-8-4, De discussie over de huidige semesterindeling

Alle vakken op alle faculteiten zijn in principe ingericht volgens een vaste semesterindeling: acht weken, nogmaals acht weken en dan een kortere periode van vier weken; het 8-8-4 systeem, of eigenlijk het 8-8-4-8-8-4 systeem, gezien het twee keer in een jaar past. Dit is enkele jaren geleden vanaf centraal opgelegd aan alle faculteiten en daarmee dus geharmoniseerd. De reden hier achter is dat een geharmoniseerde semesterindeling het voor studenten makkelijker maakt om vakken te volgen aan een andere faculteit. De periode van acht weken wordt gebruikt voor langere vakken waarbij eventueel een deeltentamen kan worden ingepland. De kortere periode is geschikt voor praktijkgericht onderwijs, zoals practica in laboratoria of projecten, en wordt dan ook vaak door één vak gevuld.

Niet alle faculteiten zijn even blij met het 8-8-4 systeem. Vooral de faculteit der geesteswetenschappen (FGw) is al sinds de invoering ontevreden. Er wordt gezegd dat het onderwijs zich in allerlei bochten moet wringen om aan de semesterindeling te voldoen, terwijl die juist het onderwijs zou moeten faciliteren. Er zijn namelijk vakken die niet genoeg onderwerpen omvatten om er acht weken mee te vullen, waardoor de voortgang erg vertraagd wordt. Anderzijds zijn er ook vakken die meer omvatten dan in acht weken kan worden uitgelegd en bij de studenten kan bezinken.

Tijdens de bezettingen en protestacties van de afgelopen maanden werd ook het 8-8-4 systeem aangedragen als zorgpunt van studenten en medewerkers en als onderdeel van de roep om meer decentralisatie.  Op 12 maart van dit jaar, tijdens één van de gesprekken die gevoerd werden naar aanleiding van de bezettingen, zei rector magnificus Dymph van den Boom het volgende: ‘Het 8-8-4-systeem achtervolgt mij al zeven jaar. En dat terwijl ik zelf nooit een voorstander van dat systeem ben geweest, maar van een heel ander systeem, al zeg ik niet welk systeem. Wat mij betreft staat het 8-8-4-systeem weer ter discussie, alleen moeten we het dan wel met elkaar eens zijn over wat voor ander uniform jaarroostersysteem we dan invoeren.’ Hieruit blijkt dan ook in de hogere lagen van de universiteit niet iedereen even tevreden is met het systeem. De rector geeft aan dat het mogelijk zou kunnen zijn om een andere semesterindeling te gaan hanteren, maar dan moet deze nog steeds voor alle faculteiten gelijk zijn.

De vraag die hieruit voort komt is dan ook: welke semesterindelingen zijn er nog meer mogelijk? En welke voor- en nadelen hebben die ten opzichte van het huidige systeem? Een kort overzicht:

  •         10-10-10-10. Bij deze indeling zijn er vier periodes van elk 10 weken. Per periode zouden drie vakken van 5 EC gegeven kunnen worden, of twee vakken van 7.5 EC. Het biedt meer ruimte voor uitleg en bezinking, maar maakt praktijkonderwijs in laboratoria weer lastig, gezien die vaak erg druk bezet zijn en opstellingen dan vaker op- en afgebouwd zullen moeten worden.
  •         8-12-8-12.  Dit systeem heeft erg lange periodes, waarin veel vakken tegelijk gegeven kunnen worden, of veelomvattende vakken voldoende tijd kunnen krijgen. Een voordeel van het verspreiden van een vak over langere periode is dat de kennis vaak goed blijft hangen bij de studenten. Echter, het volgen van meerdere vakken tegelijk kan er ook toe leiden dat studenten het overzicht over alle opdrachten en stof verliezen.
  •       12-12-12-4. Het opdelen van een jaar in twee semesters is niet mogelijk in dit systeem. Verder biedt het de voor- en nadelen van de lange periode van 12 weken. Ook is er een extra korte periode, waarin een opleiding een project, onderzoeksopdracht of practicum kan aanbieden.

 

Op de FNWI wordt 8-8-4 ook als uitgangspunt genomen bij het indelen van vakken. Echter, soms wordt er van afgeweken. Bij Biologie zijn er regelmatig vakken die vanwege praktische redenen meer of minder tijd nodig hebben (denk aan het gebruiken van laboratoria of de bloeiperiodes van bepaalde plantensoorten). Er wordt dan gekozen om die niet binnen de semesterindeling te laten vallen. De meeste opleidingen houden zich echter wel aan het 8-8-4 systeem.

Momenteel is de centrale studentenraad bezig met een inventarisatie van het functioneren van 8-8-4 en mogelijke alternatieven. De studentenraad van de FNWI ondersteunt de CSR hierbij door mee te denken en input te leveren.

Denk jij dat de FNWI gebaat zou zijn bij een andere semesterindeling? Zie je meer voor- of nadelen en zou je die mee willen laten nemen in het debat? Laat het dan vooral weten door een mail te sturen naar fnwi@studentenraad.nl of door langs te komen in A1.26!